Lapland en Noord-Noorwegen

Taiga

Welkom!
Rovaniemi (Finland) - Äkäslompolo
Äkäslompolo
Äkäslompolo - Abisko (Zweden)
Abisko
Abisko - Svolvaer (Noorwegen): Lofoten
Svolvaer, Lofoten
Svolvaer - Bleik - Andenes
Andenes: walvissen
Andenes
Andenes - Tromso
Tromso
Tromso - Alta
Alta - Honningsvag (Skipsfjorden): Noordkaap
Honningsvag: Gjesvaer vogelsafari
Honningsvag (N) - Kiilopää (Fin)
Kiilopää: NP Urho Kekkonen
Kiilopää
Kiilopää - Rovaniemi - Helsinki - Nierswalde
contact
links

lapland-250px-taiga.jpg

Taiga

Taiga is een bioom dat wordt gekenmerkt door uitgestrekte, koude en vochtige naaldwouden. Het Russische woord тайга́, dat naaldwoud betekent, is afkomstig uit het Mongools.

Een bioom is de verzameling soorten van flora en fauna die in een habitat leeft en een bepaalde topografie bezet. Dit wordt bepaald door het klimaat en wordt ook wel vegetatiegordels genoemd.

De gebieden die met taiga worden aangeduid vormen samen het grootste bosgebied op aarde: het omvat grote delen van Scandinavië, Canada en Rusland. Het is het noordelijkste gebied waar bomen, en de soorten die daarvan afhankelijk zijn, kunnen overleven.

Tachtig procent van de bomen in de vochtige bosgebieden van de taiga bestaat uit dennen, sparren, zilversparren en lariksen; bomen die in tegenstelling tot de meeste loofbomen uitstekend tegen de strenge winters bestand zijn. Echter ook loofbomen als berken, enkele soorten populier, wilgen en lijsterbes komen er voor.

Venen en de hierbij behorende planten komen ook in deze zone veel voor, en bedekken het grootste deel van de binnenlanden van Canada en noordelijk Rusland. In de grond ligt veel koolstof in de vorm van plantenresten opgeslagen. Er wordt wel gevreesd dat bij het warmer worden van deze gebieden methaan vrij zal komen, wat het broeikaseffect versterkt.

Ze zijn een van de belangrijkste zuurstofbronnen ter wereld. Ook ligt hier veel kooldioxide opgeslagen.

Een aanzienlijk aantal vogels, zoals de Siberische lijster, goudlijster en zwartkeellijster, migreren naar dit gebied om profijt te trekken van de lange zomer en de overvloed aan insecten in dit seizoen.

Zowel sommige zaadetende vogels als roofvogels blijven ook in de winter in dit gebied. Voorbeelden zijn de kruisbek, steenarend, raaf en de ruigpootbuizerd.

Relatief weinig zoogdieren zijn in staat de strenge winters te overleven. Soorten die dat wel kunnen zijn o.a. de wolf, bruine beer, lynx, bever, sneeuwhaas, lemming, kariboe en verschillende leden van de marterachtigen als de veelvraat en de boommarter.

De neerslag bedraagt 40-85 cm/jaar, in de vorm van regen, sneeuw en mist.

De bodem van de taiga is door de vegetatie erg zuur: wanneer de van de bomen gevallen naalden composteren, scheiden ze een zuur af dat andere planten dan naaldbomen hindert in hun groei. Dit verschijnsel staat bekend als allelopathie. Een dergelijke zure bodem kan ook ontstaan in andere biomen, zoals gematigde loofbossen of gemengde bossen onder specifieke klimaatomstandigheden.

De sleutel tot de ontwikkeling van het taigabioom is de lange winter, de lage temperatuur die planten- en dierenleven beperkt, en de blootstelling aan de zon in de zomer.

De site 'Lapland en Noord-Noorwegen' is onderdeel van 'Passie voor reizen'.
 
Op 'Passie voor reizen' vind je ook reissites over bijvoorbeeld Thailand, Cuba, Madagaskar, Oeganda, Mexico, Gambia, Tibet, China, Nepal, Rajasthan, Cyprus, Jordanië en Lapland.
 
Breng ook eens een bezoek aan managementmodellen of projectmanagement.